Posts tonen met het label Marguery. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Marguery. Alle posts tonen

12 februari 2026

 

Vijf kogels voor een dessert

 

Patricia Van den Eeckhout

 

Jean-Baptiste Amedée Delhomelle zinde op wraak. Amper een maand was hij aan de slag geweest als garçon de salle bij de gekende Parijse restaurateur Nicolas Marguery. Nu stond hij op straat. Een discussie over een dessert had een einde gemaakt aan de samenwerking. Delhomelle werd gevraagd om het dessert van een klant te serveren, maar hij had dat geweigerd: het dessert zag er niet uit. Zoiets kon hij niet opdienen. Marguery vroeg hem om een toontje lager te zingen en te doen wat hem gevraagd werd, maar Delhomelle wilde van geen wijken weten.

 

Of hij nu zelf ontslag had genomen of de laan was uitgestuurd, was niet duidelijk. Volgens Marguery had de kelner te veel noten op zijn zang, was hij niet onderdanig genoeg en babbelde hij ook te veel. Maar hij gaf wel toe dat de man een ijverige werker was. Delhomelle vond een andere job als kelner, maar ook hier volgde ontslag. Hij werkte vervolgens als extra, wat betekent dat hij geen “vaste” job had, maar overal vervangingen moest doen. Delhomelle had zijn buik vol van de horeca-uitbaters en besloot dat een van hen moest boeten. Zijn keuze viel op Marguery. Hij kocht een revolver en kogels.

 

            De Parijse restaurateur had zijn dagelijkse routine. Hij ging naar de markt en keerde op een vast uur terug. Delhomelle was daarvan op de hoogte. De gefrustreerde kelner wachtte Marguery op en vuurde. Er gebeurde niets, want het wapen blokkeerde. Niemand had iets gemerkt. Als Delhomelle het later niet aan de politie zou hebben bekend, zou niemand het geweten hebben. Hij gaf zijn plan niet op, maar ging in de Bois de Boulogne met de revolver oefenen. Weer ging hij Marguery opwachten. Hij had zich met twee cognacs moed ingedronken. Marguery kwam voorbij gewandeld, verdiept in een krant. Delhomelle schoot hem in de rug. De restaurateur viel op de grond, waarna zijn aanvaller nog vier keer op hem vuurde. Marguery overleefde de aanslag, maar omdat het operatief verwijderen van de kogels te risicovol was, zou hij de rest van zijn leven pijn lijden.

 

            In 1871 werd Delhomelle door het assisenhof tot de doodstraf veroordeeld. De jury hield geen rekening met verzachtende omstandigheden. Door over de eerste onopgemerkte moordpoging op Marguery te beginnen, had Delhomelle zich bij wijze van spreken zelf aan de galg gepraat. Maar enkele maanden na zijn veroordeling kreeg de man gratie. Hij werd naar een strafkolonie in Nieuw-Caledonië verscheept, waar hij vervolgens als kolonist een leven uitbouwde, huwde en kinderen kreeg.

 

Afbeelding met Menselijk gezicht, portret, kleding, persoon

Door AI gegenereerde inhoud is mogelijk onjuist. 

De bejaarde Delhomelle in Nieuw-Caledonië

(https://www.lnc.nc)

 

Was Delhomelle op zijn proces zeer mededeelzaam over zijn moordpogingen, dan vernemen we spijtig genoeg niets over zijn parcours als kelner. Geboren in de Somme als zoon van een graankoopman, was hij naar de Verenigde Staten getrokken om in 1859 op 17-jarige leeftijd naar Frankrijk terug te keren. Een bloeiende kelnercarrière had hij allicht niet. Toen hij op 28-jarige leeftijd bij Marguery werkte, oefende hij de functie van omnibus uit, dat was een soort hulpkelner. Vaak werd die taak toevertrouwd aan iemand die jong was en de stiel nog moest leren.

 

 

Veel meer over de soms woelige verhouding tussen koks en kelners in het boek van Patricia Koks en kelners 1750 - 1950 (Ertsberg, 2025) 

18 december 2025

 

Ananasgebak voor de anarchist

 

Patricia Van den Eeckhout

 

De negentienjarige schoenmaker Léon Léauthier was al op jonge leeftijd anarchist geworden. Hij wou wraak nemen op de maatschappij, maar vooral: een “bourgeois” ombrengen. Het maakte niet uit wie, maar het moest wel iemand zijn van de gegoede klasse. Voor hij zijn plan ten uitvoer bracht, wilde hij eerst goed gaan eten, maar zonder te betalen. In november 1893 koos hij daarvoor het bekende Parijse restaurant Marguery uit. Hij dronk er champagne en een fles wijn van Mâcon en at gebraden kwartels en ananasgebak. Nadat hij zo’n twee uur had getafeld, liet hij aan de kelner weten dat hij niet kon betalen. Die riep er Marguery bij. Na een woordenwisseling zette de uitbater hem op straat.

 

L’Intransigeant, 23 november 1893 (gallica.bnf.fr / Bibliothèque nationale de France)

 

De volgende dag trakteerde Léauthier zich met geleend geld op een scheerbeurt bij een kapper en vervolgens toog hij naar een Bouillon Duval, de gekende Parijse eethuisketen. Daar kwamen vooral mensen van de lagere middenklasse over de vloer. De Parijse elites trof men er niet aan. Maar toch zou Léauthier in de bouillon op een slachtoffer met het “juiste” profiel stuiten. Eerst moest er echter gegeten worden: soep, vleeskroketten, vis, kaas, koffie, likeur en… ananasgebak.

 

Aan de serveerster van Duval viel op hoe tergend traag Léauthier at. Hij gebruikte maar één hand, want de andere hand hield het schoenmakersmes vast dat onder zijn kleren verborgen was. Deze traag etende klant joeg de serveerster op kosten. Zij moest leven van fooien en als deze trage eter eindeloos beslag legde op een tafel, belette dit dat zij op die plek andere eters bediende en hun fooien verzamelde. Wist zij veel dat Léauthier helemaal geen drinkgeld zou geven.

 

Vlakbij het tafeltje van de anarchist had iemand plaats genomen die als “bourgeois” kon worden omschreven. Léauthier kende hem van haar noch pluim: het was een Servische minister, Rista Georgewitch. Toen die laatste zijn maaltijd had beëindigd en zijn jas wou aantrekken, wierp Léauthier zich op hem. Met zijn schoenmakersmes stak hij Georgewitch in de borst en vluchtte weg. Hij ging zich kort daarna bij de Parijse politie aangeven. Georgewitch overleefde de aanslag.

 

In 1894 werd Léauthier veroordeeld tot levenslange dwangarbeid. Levenslang bleek in zijn geval maar kort te duren: datzelfde jaar kwam hij om bij een schermutseling tussen bewakers en gevangenen.