Posts tonen met het label Amandelnoten. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Amandelnoten. Alle posts tonen

04 juni 2026

De ene amandel is de andere niet


Patricia Van den Eeckhout


John Henry Timins was al zo’n veertig jaar predikant in West Malling, een stadje in het graafschap Kent. In december 1882 bezocht hij Sarah Ann Wright, de zestienjarige dochter van een dagloner en een van zijn parochianen. Het meisje voelde zich niet lekker. Timins wist precies wat gedaan. Hij haalde een flesje uit zijn zak en goot een theelepel van de inhoud in een glas. Opdrinken, klonk het, nadat het meisje wat aarzelde. Zo’n twee uur later was Sarah Ann Wright dood.  

Vergiftigd door blauwzuur, toen ook gekend als Pruisisch zuur, zo wees de autopsie uit. De amandelolie die Timins had toegediend, bleek gemaakt van bittere amandelen. Net zoals abrikozenpitten bevatten ze een stof die in contact met speeksel en maagsappen verandert in het dodelijke cyanide. Zoete amandelen kunnen geen kwaad, maar bittere amandelen moeten worden ontgift voor gebruik. 

Maar was een simpele 69-jarige predikant uit een klein Engels stadje daarvan op de hoogte? De man was alleszins gewaarschuwd door de lokale drogist, bij wie hij het flesje had besteld. Bent u wel zeker dat u dit wil kopen, had de drogist hem in een brief gevraagd. Het is een zeer giftig product. Geen probleem, had Timins hem geantwoord. Ik zal het enkel uitwendig gebruiken. Het flesje werd bezorgd, voorzien van een etiket waarop “POISON” te lezen was. Timins behandelde er de huiduitslag van zijn zoon mee. 

In zijn jonge jaren had de predikant lessen gevolgd aan het St. Thomas’s Hospital in Londen, maar hij had nooit een diploma behaald. Toch verwees hij graag naar die periode.



 

In de brochure die Timins in 1878 publiceerde over ontsmetting (zo’n 50 pagina’s dik) stelde hij zichzelf voor als student van het St. Thomas’s Hospital (Wellcome Collection).

Blijkbaar had de man nog steeds de ambitie om “iets” te doen op medisch vlak. Kort voor de feiten publiceerde hij artikelen over wateranalyse, gecontamineerde bronnen, tyfus en de pokken in The Sanitary record, een blad over lokaal gezondheidsbeleid. 

In medische tijdschriften werd Timins terechtgewezen omdat hij zonder kennis van zaken de geneeskunde beoefende. Blijkbaar was het niet de eerste keer dat hij zijn parochianen niet enkel spirituele steun, maar ook medische verzorging gaf. Steeds werden die kritische bedenkingen gevolgd door de opmerking dat de man enkel goede bedoelingen had.

Het gerechtelijk onderzoek en het proces dat volgde, lieten belangrijke vragen onbeantwoord. Waarom had een predikant een flesje met een giftig product op zak? Waarom spoorde hij het slachtoffer aan ervan te drinken, ook al had de drogist hem op de giftigheid ervan gewezen? Waarom had hij het flesje laten verdwijnen, ondanks het verzoek van de autoriteiten om het in te leveren? Dat zijn flesje verantwoordelijk was voor de dodelijke afloop kon pas bewezen worden nadat de drogist een staal had verstrekt van het mengsel dat Timins had gekocht. 

De welwillendheid ten aanzien van de predikant was echter ongemeen groot. Hij moest weliswaar voor de rechter komen, maar werd vrijgesproken. De juryleden hadden amper vijf minuten tijd nodig om hun vonnis te vellen. Zelfs grove nalatigheid werd hem niet ten laste gelegd.