Manipulatie van den index !
Peter Scholliers
Alle Belgen kennen het indexcijfer van de consumptieprijzen (‘de index’) en zijn slankere broertje, de 'gezondheidsindex'. Het dient om de inflatie te meten en om wedden, lonen, sociale uitkeringen en huren aan te passen. Vandaag telt de index meer dan 600 goederen en diensten. Hij wordt als betrouwbaar gezien.
Dat laatste was niet het geval in de jaren 1920 en ‘30. Toen bevatte de index de prijs van 56 goederen, waarvan 34 voedingswaren, of 60 procent. De index hield geen rekening met het belang van elk product en dus woog de prijs van een kilo aardappelen evenveel als deze van een pakje lucifers. Wilde iemand de index manipuleren, dan volstond het de prijs van één van deze producten onder de duim te houden. Is dat toen gebeurd?
Het onderzoek van Max Frank leidde begin 1938 tot een parlementaire vraag
(La Wallonie, 26 januari 1938, KBR – Belgicapress)
Al van bij zijn ontstaan in 1920 volgden lonen en wedden de index. Dat werkte redelijk goed tot de economische crisis in oktober 1929, die de groothandelsprijzen snel deed dalen. De index volgde die daling niet, terwijl werkgevers en ministers dat wensten met het oog op de vermindering van de loonkost. Zij vonden dat de index de levensduurte niet correct weergaf. L’Etoile belge schreef ‘De kanker van onze economie is het index-number. Schaf het af!’ (16 oktober 1930). De werkgevers, de Nationale bank van België en de rechtse pers gingen tekeer tegen elk onderdeel van de index en vooral tegen de goederenkorf: Amerikaans spek, bier uit het vat en thee moesten weg. De vakbonden, een aantal universiteitsprofessoren en de linkse pers namen de verdediging op, maar waren niet tegen een meer moderne samenstelling van de korf.
De daling van de index begin 1931, gevolgd door de vermindering van de lonen stelde de werkgevers gerust. Maar juist die daling zorgde voor wantrouwen bij de arbeidersbeweging en voedde de verdenking van manipulatie van de index. Eerst aarzelend en dan voluit bekritiseerde de linkse pers het indexcijfer om in 1934 de ‘verjonging’ te eisen.
In 1936 onderzocht Max Frank, doctoraatstudent aan de Université libre de Bruxelles, alle aspecten van de index. Hij zag de fiches met de originele prijsnoteringen van december 1929 en stelde vast dat was geknoeid met noteringen van haring en bonen in Gent waardoor de prijsindex voor Gent met 100 punten was gedaald! ‘Zie je wel’, schreeuwde de arbeidersbeweging, ‘niets van aan’, antwoordde de regering. Het indexdebat geraakte in een stroomversnelling. Vakbondslui, journalisten, professoren en juristen schreven honderden artikels over de index. Dat debat domineerde de sociale verhoudingen.
De index haalde meerdere keren het parlement. In januari 1938 interpelleerde de communist Xavier Relecom de bevoegde minister op basis van de bevindingen van Max Frank en eigen onderzoek. De minister gaf toe dat verbeteringen nodig waren. In april 1939 kreeg de index een opknapbeurt. Hollandse kaas, zalm in blik, erwtjes in blik, gedroogde erwten, appeldeeg, kalfsragout, ham en bier in flessen vervingen ontroomde melk, haring, olijfolie, Amerikaans spek, thee, bloedworst, leverpastei en bier in vaten. Een grondige verandering kwam er in 1955.